Opkomen voor belangen en behoeften

Bij het waarnemen van feiten gaat het alleen om wat je werkelijk ziet, hoort, ruikt of proeft. Niet om hoe je erover denkt. Omdat het, ondanks een zo objectief mogelijke waarneming, mogelijk is dat je iets anders waarneemt dan de ander is het belangrijk dat het om jouw eigen waarneming gaat. Dat maak je duidelijk door in ik boodschappen te spreken. Bovendien vermijd je op die manier dat je bij de ander beschuldigend overkomt en kom je op voor je eigen behoeften. Zo zorg je goed voor je zelf en voor de ander.

Zeg wat je ziet of hoort zo letterlijk mogelijk in een ik- boodschap zonder daarbij te vermelden wat je er van vindt. Bijvoorbeeld: ‘ik zie dat je weggaat’ of ‘ik hoor dat je me lui vindt’.

Ik-boodschappen zijn vaak effectiever dan jij-boodschappen

Voorbeelden:
Jij doet altijd zo vaag
Ik wil graag duidelijkheid
jij maakt altijd een klerezooi
Ik wil graag dat je je eigen spullen opruimt
Jij moet je mond houden
Ik wil graag dat je me even laat uitpraten

Meestal heb je bij een waarneming ook een gevoel. Dat gevoel maakt wat je ervan vindt: Voelt dit goed of voelt dit niet goed? Zou je op ‘de mat ‘op groen of op rood staan?

Luister naar je gevoel maar houd het bij je zelf, het gaat om jouw eigen gevoel:

Zeg wat voor gevoel je bij de situatie hebt. Bijvoorbeeld ‘Ik ben er niet gerust op dat… ‘ of ‘Ik word afgeleid door…’

In de theorie van de geweldloze communicatie wordt een onderscheid gemaakt tussen ‘gevoelens’ en ‘quasigevoelens’. Voorbeelden van gevoelens zijn boosheid, moeheid, blijdschap, onrust, verdriet en angst.
Quasigevoelens zijn een interpretatie van een gevoel en verwijzen vaak naar de omgeving. Voorbeelden van quasigevoelens zijn: bezorgdheid, bedrogen, enthousiast, jaloers, gekwetst of misbruikt.
 

Bij de vraag ‘wat doe jij?’ voel ik mij wel eens in verlegenheid gebracht. Dat heeft te maken met verwachtingen: Wat verwacht ik van me zelf en wat denk ik dat anderen van mij verwachten? Dat gevoel is in de eerste plaats mijn probleem, mijn angst voor de reactie van de ander. Ik heb geleerd dit gevoel te erkennen en eventueel ook te benoemen: ‘Ik voel mij ongemakkelijk bij deze vraag’.

In het bovenstaand kader is ‘ongemakkelijk’ een gevoel en ‘in verlegenheid gebracht’ een quasigevoel. Het is immers de ander die je in verlegenheid brengt.

In contacten met anderen komt het vaak voor dat je iets van de ander wilt of verwacht. De ander kan dat echter niet weten als je daar zelf niet duidelijk over bent.

Ga na bij je zelf wat je behoefte is. Wil je dit gesprek op dit moment? Vraagt iemand je iets waar je blij van wordt of vraagt iemand je iets waarvan je in de stress schiet?

Een veel voorkomende behoefte is de behoefte aan erkenning. Erkenning van behoeften is belangrijk, ook als de behoefte (nog) niet bevredigd kan worden. Ook kun je meerdere behoeften tegelijk hebben zoals de behoefte aan rust en de behoefte aan gezelschap of de behoefte aan autonomie en behoefte aan structuur. Erken deze behoeften.

Zeg waar je behoefte aan hebt, bijvoorbeeld fysiek zoals rust, beweging, licht, bescherming, of emotioneel zoals geruststelling, respect of mededogen.
Als jij je behoefte aan een ander kenbaar maakt is het verstandig er een concreet en haalbaar verzoek aan te koppelen. Anders loop je het risico dat de ander zich overvraagd voelt en dat het gesprek blokkeert. Laat je behoefte volgen door een haalbaar en concreet verzoek dat je begint met ‘Ik zou willen dat'…

Voordeel van deze gesprekstechniek is dat hij duidelijkheid schept en dat je zowel goed voor jezelf zorgt als voor de ander.
Tot slot: Geef aan wat je verlangt en geniet ervan als je het ontvangt.

Ontvangen is ook een kunst. Kijk maar hoe mensen op een complimentje reageren. Sommigen doen zelfs net of ze het niet horen.
Blijf dus in contact en waardeer de inspanningen van de ander.

De gevoelens van de ander


In veel gevallen helpt het bovenstaande model je om tot samenwerking te komen. Het kan, om wat voor reden dan ook, dat de ander niet blij is met je verzoek. Hij of zij kan bijvoorbeeld andere verwachtingen hebben of teleurgesteld zijn.

Ik heb met een vriend afgesproken om vandaag bij iemand langs te gaan maar ik voel mij helemaal niet goed. Twee weken geleden heb ik ook al een keer afgezegd. Mijn vriend had toen echt de pest in.

Om allerlei redenen kunnen mensen emotioneel reageren op iets wat je doet of zegt. Ook hier kan je bovenstaande stappen toepassen. Neem waar wat er gebeurt en ben je bewust van wat de reactie van de ander met je doet en welk gevoel je daarbij krijgt. Geef aandacht aan de gevoelens van de ander, juist als diegene erg verhit is.

Aandacht voor de gevoelens van de ander begint met actief luisteren. Dat betekent dat je ook met je houding laat zien dat je luistert. Let op de gevoelens die de ander laat zien, zoals boosheid of teleurstelling, en zeg bijvoorbeeld dat je begrijpt dat iemand teleurgesteld is. Je zal zien dat de emotionele temperatuur zal dalen. Die loopt weer op als je opnieuw je standpunt of verzoek kenbaar maakt waarna jij weer actief luistert enz. Wanneer de emotionele temperatuur gezakt is kun je jouw standpunt of verzoek herhalen.

bron: www.demat.nl

• Actief luisteren naar de reactie van de ander
• Duidelijk zijn over je eigen standpunt met een ik-boodschap
• Blijven omschakelen tussen zenden en luisteren

In de meeste gevallen kom je door deze methode weer tot samenwerking. Lukt dat niet, zoek dan steun bij iemand die je vertrouwt en/of ga iets doen waarin jij je eigen spanning of emoties kwijt kunt.

Dit artikel is tot stand gekomen met de hulp van ervaringsdeskundigen van Anoiksis.



Share on Facebook Share on Twitter




1. Dialoog en confrontatie
Lees verder >

2. Contact begint met waarnemen
Lees verder >

3. Opkomen voor belangen
en behoeften Lees verder >